Vorige week wees de markt aan waar het beleid van de Fed als eerste aankomt: bij de bedrijven die honderden miljarden lenen om kunstmatige intelligentie te bouwen. Deze week bleek dat er nog een tweede partij is die over die investeringen beslist.
De Amerikaanse kiezer.
Dinsdag wonnen de Democraten zowel het Huis van Afgevaardigden als de Senaat. President Trump aanvaardde de uitslag, en woensdag won de Dow ruim 1.500 punten, de beste dag sinds april 2025.
Een dag later was die winst verdwenen. De S&P 500 verloor donderdag 4,4 procent, de grootste daling sinds april 2025, en de Nasdaq zakte in een correctie.
Het politieke risico verdween in één nacht. Daarvoor in de plaats kwam een ander risico.
Kiezers in Texas, Ohio en tientallen gemeenten stemden tegen nieuwe datacenters. De markt rekent nu uit wat de groei van dit jaar waard is als een deel van die bouw niet doorgaat.
De stembus raakt de bouw van AI
De uitslag die het meest telde, kwam niet uit Washington maar uit Austin. In Texas versloeg de Democraat Gina Hinojosa gouverneur Greg Abbott, na een campagne met de belofte van een onmiddellijke stop op de bouw van nieuwe datacenters.
Volgens Wells Fargo ligt ongeveer 27 procent van de geplande Amerikaanse datacentercapaciteit in die staat. In Ohio won Amy Acton, die nieuwe datacenters alleen wil toestaan als ze hun volledige energiekosten zelf dragen.
Van de 41 lokale referenda over datacenters in tien staten kozen kiezers op één na overal voor beperkingen.
Goldman Sachs schat dat tijdelijke bouwstops ongeveer 45 procent van de geplande uitbreiding kunnen raken, al verwacht de bank dat ze van korte duur zijn.
Woensdag maakte de markt nog onderscheid. Leveranciers van stroom en apparatuur voor datacenters vielen hard, terwijl de grote technologiebedrijven op een gegeven moment samen meer dan 750 miljard dollar aan beurswaarde wonnen.
Wie zijn datacenters al heeft, ziet ze schaarser en dus waardevoller worden. Donderdag verdween dat onderscheid.
Een correctie in twee dagen
Donderdag sloten alle elf sectoren van de S&P 500 lager. De index eindigde op 7.353,73, de Dow verloor 1.833 punten naar 51.523 en de Nasdaq zakte 5,5 procent naar 24.315, meer dan 10 procent onder het record van oktober.
Chipfondsen leden het meest. Micron en AMD verloren elk ruim 17 procent, SanDisk 22 procent.
Nvidia daalde ruim 9 procent naar 181,60 dollar en staat daarmee voor het eerst dit jaar lager dan eind 2025. De VIX, de graadmeter voor verwachte koersschommelingen, raakte 28, het hoogste niveau sinds eind maart.
Over de week staat de S&P 500 3 procent lager, de Nasdaq 4,4 procent en de Russell 2000 met kleinere bedrijven 2,9 procent. De Dow verloor slechts een half procent.
Twee weken geleden betaalde de markt niet langer voor groei die geleend moest worden. Deze week bleek dat ook de vergunning voor die groei niet meer vanzelf spreekt.
Bij een sector die het grootste deel van de koerswinst van dit jaar droeg, telt dat dubbel.
Staatsleningen en goud stijgen samen
De rente op Amerikaanse staatsleningen daalde de hele week. De tienjaarsrente zakte van 4,94 procent vorige vrijdag naar ongeveer 4,84 procent op donderdag.
De tweejaarsrente daalde donderdag alleen al 11 basispunten naar 4,47 procent. Beleggers zien in een verdeeld Washington minder ruimte voor nieuwe uitgaven, en in een tragere bouw van AI minder groei.
Het opvallendste verschil met eerdere weken zat in goud. Twee weken geleden ging de vlucht naar veiligheid uitsluitend naar staatsleningen en werd goud verkocht.
Deze week stegen ze samen. Goud won woensdag ongeveer 3 procent, kwam terug boven de 4.000 dollar en noteerde donderdag rond 4.100.
De dollarindex zakte woensdag naar 101,21, het laagste sinds eind september, en de euro steeg naar ongeveer 1,124 dollar. Volgens de World Gold Council kochten centrale banken in het derde kwartaal 321 ton goud, 42 procent meer dan een jaar eerder.
Ook de Treasury droeg bij. De veilingomvangen blijven de komende kwartalen ongewijzigd, en het plafond voor opkopen ter ondersteuning van de handel gaat dit kwartaal naar 70 miljard dollar.
Veiligheid heeft weer twee adressen. Dat maakt haar minder kwetsbaar dan vorige week.
Een koersdaling die de inflatie niet raakt
De economische cijfers gaven geen reden om de rente te verlagen. De ISM-index voor de Amerikaanse dienstverlening zakte in oktober naar 54,5, maar de index voor betaalde prijzen bleef op 73,0, voor de zevende keer in acht maanden boven de 70.
Geen enkele sector meldde lagere inkoopprijzen, en veel bedrijven hebben hogere brandstofkosten nog niet doorberekend. Het ISM verwacht daarom meer prijsdruk.
In de industrie stond de prijsindex op 75,2.
Toch daalde de kans op een renteverhoging op 9 december, van ruim 82 procent op woensdag naar ongeveer 66 tot 70 procent op donderdag, volgens CME FedWatch. Beth Hammack en Thomas Barkin, presidenten van de Fed in Cleveland en Richmond, zeiden dat de inflatie te hoog en te breed is, maar pleitten allebei voor een geleidelijke aanpak.
Dat is de kern van de week. De Fed verhoogt de rente om de inflatie te remmen, en de inflatie komt uit energie.
De beurs verloor niet door de rente, maar door een politieke keuze tegen datacenters. Een koersdaling die het gevolg is van minder investeringen, maakt de economie trager zonder de prijzen te verlagen.
Olie verliest zijn oorlogspremie
Brent verloor woensdag 8,7 procent naar 94,62 dollar, het laagste niveau sinds 31 augustus. Beleggers verwachten dat een Democratisch Congres de oorlog met Iran moeilijker maakt, en volgens de New York Times bestudeert Teheran voorstellen van bemiddelaars over zijn nucleaire programma.
Donderdag herstelde Brent 3,9 procent naar 98,29 dollar, nadat een tanker ten oosten van de Straat van Hormuz op een mijn liep. Over de week rekent Bloomberg op een daling van zo'n 18 procent.
Niet iedereen gelooft in vrede. Eurasia Group schat de kans op een akkoord met Iran op 10 procent, en Citi waarschuwt dat het Witte Huis na de verkiezingen meer ruimte voelt om zelfstandig te escaleren.
De olieprijs daalt dus niet omdat de straat open is. Hij daalt omdat de markt een einde aan de oorlog waarschijnlijker acht.
Dat is een premie die even snel kan terugkomen als ze verdween.
Europa krijgt een vierde centrale bank die verhoogt
De Bank of England verhoogde donderdag de rente naar 4 procent, de eerste stap omhoog sinds 2023. Acht leden stemden voor, één wilde een halve procentpunt.
Gouverneur Andrew Bailey zei dat dit zolang het conflict in het Midden-Oosten duurt "waarschijnlijk niet de laatste verhoging" is. De bank verwacht dat de Britse inflatie in het tweede kwartaal van 2027 piekt op 4,8 procent.
In de eurozone liep de inflatie in oktober op naar 4,0 procent, het hoogste in ruim drie jaar, met energie 20,8 procent duurder dan een jaar eerder. De kerninflatie bleef op 2,5 procent.
In Parijs stemde de Nationale Vergadering woensdagavond unaniem tegen het inkomstendeel van de begroting voor 2027, en donderdag legde een landelijke staking scholen en treinen deels stil. Toch daalde de Franse tienjaarsrente woensdag met 17,6 basispunten naar 4,77 procent, de grootste daling sinds april.
Het verschil met de Bund zakte naar ongeveer 147 basispunten, van bijna 160 aan het begin van de week. Een lagere olieprijs helpt Frankrijk meer dan zijn eigen parlement.
Wat dit betekent voor de markten
Vanmiddag om 14:30 uur Nederlandse tijd verschijnt het Amerikaanse banenrapport over oktober. Economen rekenen op ongeveer 65.000 nieuwe banen en een werkloosheid van 4,2 procent.
Een zwak cijfer drukt de kans op een verhoging in december verder, maar zou na deze week eerder als bevestiging van tragere groei worden gelezen dan als goed nieuws.
Daarna volgen de veilingen van tienjarige en dertigjarige leningen op 10 en 12 november, de cijfers van Nvidia op 17 november en het oordeel van S&P over Frankrijk op 27 november. De Fed besluit op 9 december, twee dagen voordat de financiering van de Amerikaanse overheid afloopt.
Vorige week verwachtte de markt dat de Fed als eerste iets zou breken. Deze week deed de kiezer dat.
De inflatie is niet veranderd, de olieprijs wel en de groeiverwachting nog meer. De Fed richt nog altijd op de prijzen.
De kiezer heeft intussen de groei herprijsd.



